Aardlekschakelaar in een oude stoppenkast: kan dat nog?
In veel huizen van vóór de jaren zeventig zit nog een stoppenkast zonder aardlekschakelaar. Jarenlang gaat dat goed, en meestal komt het pas ter sprake als er iets verandert. U wilt op inductie gaan koken, er komt een laadpaal, of de bouwkundige keuring noemt het als gebrek. Dan is de vraag: kan er een aardlekschakelaar bij, of moet de hele kast eruit?
Allebei is mogelijk. Welke route past, hangt af van hoe de kast vanbinnen is aangesloten en van wat u de komende jaren met de elektra van plan bent. Hieronder leest u wat de regels zijn, hoe beide routes werken en waar het in oude kasten vaak misgaat.
Inhoudsopgave
- Zo herkent u een stoppenkast zonder aardlekschakelaar
- Waarom stoppen u niet tegen een elektrische schok beschermen
- Bent u verplicht er een te laten plaatsen?
- Route 1: een aardlekschakelaar voorschakelen
- Waarom de nuldraad in oude kasten vaak een probleem is
- Route 2: de stoppenkast vervangen door een groepenkast
- Welke route past bij uw huis?
- De verzegeling en de netbeheerder
- Wat u zelf wel en niet kunt doen
- Wat u na de klus terugkrijgt
- Veelgestelde vragen
- Persoonlijk advies
Zo herkent u een stoppenkast zonder aardlekschakelaar
Een stoppenkast werkt met smeltzekeringen. Per groep zit er een porseleinen schroefkap in de kast. Daarin zit een patroon met een dun smeltdraadje. Loopt er te veel stroom, dan smelt dat draadje en valt de groep uit. Door het venstertje in de schroefkap ziet u meestal of een stop is doorgeslagen. In het patroon zit een gekleurd plaatje, de verklikker. Is dat plaatje weggesprongen of niet meer te zien, dan is de stop doorgeslagen.
Een aardlekschakelaar herkent u aan een testknop met de letter T of het woord Test. In een moderne groepenkast zitten minstens twee aardlekschakelaars met naast elk een paar automaten. Of er zit per groep een aardlekautomaat, en ook die heeft een eigen testknop. Ziet u nergens zo'n testknop, dan heeft uw installatie waarschijnlijk geen aardlekbeveiliging.
Er zijn ook tussenvormen. Soms is er later een losse aardlekschakelaar naast de stoppen geplaatst, voor de hele woning of een deel ervan. Kijk dan op de schakelaar zelf. Daar staat de aanspreekstroom op, in milliampère (mA). Volgens Vereniging Eigen Huis werden in de jaren tachtig ook schakelaars van 500 mA gebruikt. Die schakelen pas af bij een veel grotere lekstroom dan de 30 mA die nu voor woningen de norm is.
Noteer wat u ziet en maak een foto van de open meterkast, zonder iets los te schroeven. Daarmee kan een elektricien vooraf al veel inschatten.
Waarom stoppen u niet tegen een elektrische schok beschermen
Stoppen beschermen de leidingen. Ze grijpen in bij kortsluiting en als er te veel stroom door een groep gaat, bijvoorbeeld als de kachel en de waterkoker tegelijk aanstaan. Een gewone stop van 16 ampère verdraagt langdurig 16.000 milliampère en zelfs iets meer. Pas bij een flinke overbelasting of een kortsluiting smelt hij door.
Vergeleken daarmee is een stroom die via uw lichaam naar de aarde loopt klein. Zonder aardlekbeveiliging kan de spanning dus blijven staan zolang u het defecte apparaat aanraakt. Alleen bij een geaard apparaat met een goede aarde slaat de stop bij zo'n fout soms door. In oude installaties is op die aarde vaak niet te rekenen.
Een aardlekschakelaar let op iets anders: het verschil tussen de stroom die over de fase heengaat en de stroom die over de nul terugkomt, voor alle groepen die erachter zitten. Komt er minder terug dan er heenging, dan verdwijnt er ergens stroom, mogelijk via iemands lichaam. Een schakelaar van 30 mA schakelt dan binnen een fractie van een seconde af, lang voordat een stop zou reageren. U voelt de schok wel, maar hij duurt zo kort dat de kans op ernstig letsel veel kleiner wordt.
De stop of automaat beschermt dus de leiding tegen overbelasting. De aardlekschakelaar beschermt de mensen in huis tegen lekstroom. In een oude stoppenkast ontbreekt dat tweede deel.
Bent u verplicht er een te laten plaatsen?
Nee, niet zolang u de bestaande installatie niet aanpast. Dat staat ook in de kennisbank van Vereniging Eigen Huis. De vereniging raadt het wel aan, omdat het de installatie veiliger maakt.
De eisen zijn in stappen ingevoerd. Vereniging Eigen Huis zet ze op een rij:
- Sinds 1975 moeten bij nieuwe en gewijzigde installaties de groepen met stopcontacten zonder randaarde achter een aardlekschakelaar van 30 mA zitten.
- Sinds 1984 geldt dat ook voor groepen met randaarde. Daarvoor werden eerst schakelaars van 500 mA gebruikt.
- Bij woningen met een bouwvergunning van na 1996 zijn alleen nog schakelaars van maximaal 30 mA toegestaan, en minstens twee. Dat geldt ook bij een ingrijpende aanpassing van de installatie of de groepenkast.
Daarnaast noemt Huiskeur 2005 als het jaar waarin een hoofdschakelaar verplicht werd. Komt er een nieuwe groepenkast, dan krijgt die hoe dan ook een hoofdschakelaar.
Let op het woord gewijzigd. Zodra u iets aan de installatie verandert, moet het gewijzigde deel voldoen aan de geldende NEN 1010. Een aardlekschakelaar bijplaatsen is zo'n wijziging. Eén schakelaar voor de hele kast hangen is dus niet genoeg. Het werk moet volgens de norm gebeuren en daarna worden gemeten en gecontroleerd.
Route 1: een aardlekschakelaar voorschakelen
Bij voorschakelen blijft de stoppenkast zitten. De elektricien plaatst een extra kast tussen de meter en de stoppen, met een hoofdschakelaar en de aardlekschakelaars. De stoppen blijven de groepen beveiligen tegen overbelasting. Elke aardlekschakelaar voedt daarna zijn eigen deel van de stoppen.
Dat klinkt eenvoudig, maar in de meeste oude stoppenkasten krijgen alle stoppen hun stroom van één gezamenlijke rail en zitten alle nullen samen op één punt. Om de groepen over meerdere aardlekschakelaars te verdelen, moet de elektricien die rails splitsen of de draden per groep omleggen. Zit er in een heel oude kast ook een stop in de nuldraad, dan moet die eruit.
Verder gelden deze regels:
- Achter één aardlekschakelaar mogen maximaal vier eindgroepen. Dat staat zowel bij Vereniging Eigen Huis als bij Technische Unie. Heeft u vijf of meer groepen, dan zijn er dus minstens twee aardlekschakelaars nodig.
- Bij achteraf plaatsen moeten volgens Vereniging Eigen Huis alle groepen met stopcontacten of verlichting achter een aardlekschakelaar van 30 mA komen. Alleen de groep met de meeste stopcontacten beveiligen is dus niet genoeg.
- De aardlekschakelaars moeten passen bij de hoofdzekering van uw aansluiting en van het juiste type zijn.
- Elke groep moet met zijn eigen nuldraad achter de juiste aardlekschakelaar zitten. Daarover leest u hieronder meer.
Het voordeel van deze route is dat de bestaande kast blijft hangen. Het nadeel is dat u de stoppen en de oude kast houdt. Slaat er een stop door, dan moet u nog steeds een nieuwe patroon plaatsen. Is de kast zelf versleten, dan blijft dat zwakke punt bestaan. Ook blijft er weinig ruimte over voor nieuwe groepen. Bij een kast met veel groepen is voorschakelen bovendien al snel geen kleine klus meer.
Waarom de nuldraad in oude kasten vaak een probleem is
Een aardlekschakelaar meet de stroom op twee draden, de fase en de nul. De stroom die via de fase van een groep heengaat, moet via de nul van diezelfde groep terugkomen. Beide draden moeten door dezelfde aardlekschakelaar lopen. Klopt dat niet, dan meet de schakelaar een verschil en schakelt hij af, ook als er nergens een echt lek is.
In oude installaties zijn de nuldraden niet altijd netjes per groep gescheiden. Een paar voorbeelden uit de praktijk:
- Twee of drie groepen delen één nuldraad. Komen die groepen achter verschillende aardlekschakelaars, dan schakelt er een af zodra er stroom gaat lopen.
- Alle nuldraden zitten samen op één nulrail in de stoppenkast. Wie die nullen over twee aardlekschakelaars wil verdelen, moet eerst weten welke nul bij welke groep hoort.
- Ergens in huis maken nul en aarde contact. In oude huizen is de randaarde van een stopcontact soms met de nul doorverbonden. Dan loopt een deel van de stroom via de aarde terug en schakelt de aardlekschakelaar af zodra er een apparaat aangaat. Bij weinig belasting merkt u er soms niets van, en dan blijft de fout verborgen.
Dit soort fouten merkt u niet zolang er alleen stoppen in de kast zitten. Ze komen pas aan het licht als er een aardlekschakelaar bij komt. Daarom zoekt de elektricien dit uit voordat hij de aardlekschakelaar plaatst. Hij volgt per groep de draden, controleert of nul en aarde ergens contact maken en meet de isolatieweerstand van de oude leidingen.
Zitten er nog draden met een stoffen omhulling in de muren? Lees dan ook ons artikel over oude stoffen bedrading in huis. Is de isolatie slecht, dan blijft een aardlekschakelaar afschakelen en lost voorschakelen niets op. Dan moeten eerst de slechte leidingen worden vervangen.
Route 2: de stoppenkast vervangen door een groepenkast
Bij deze route gaat de stoppenkast er helemaal uit. Daarvoor in de plaats komt een groepenkast met een hoofdschakelaar, automaten in plaats van stoppen, en aardlekschakelaars of aardlekautomaten. Een aardlekautomaat is een automaat en een aardlekschakelaar in één. Volgens Technische Unie schakelt die bij lekstroom alleen de eigen groep uit. Een gewone aardlekschakelaar schakelt alle groepen erachter uit.
Bij vervangen worden de nuldraden in de kast altijd per groep uitgezocht en goed aangesloten. Fouten verderop in huis, zoals een nul die in een stopcontact aan de aarde vastzit of een leiding met slechte isolatie, moeten daarnaast apart worden opgespoord en hersteld. U krijgt bovendien ruimte voor extra groepen, bijvoorbeeld voor een inductiekookplaat, een wasdroger of later een laadpaal.
Volgens Meterkastcheck.nl van fabrikant ABB bent u niet verplicht een stoppenkast te vervangen. De site raadt een groepenkast wel aan. Een automaat zet u na een storing met één handbeweging terug. Een doorgeslagen stop moet u vervangen, en daarvoor heeft u een reservestop nodig. Op onze pagina over een groepenkast vervangen of uitbreiden leest u hoe wij zo'n klus aanpakken.
Welke route past bij uw huis?
Een vaste regel is er niet. In de praktijk geven een paar vragen de doorslag.
Voorschakelen ligt meer voor de hand als:
- de stoppenkast zelf nog in goede staat is en er genoeg ruimte in de meterkast is voor een extra kast;
- u maar een paar groepen heeft en er geen bij hoeven;
- de meting laat zien dat de nuldraden per groep te scheiden zijn en de isolatie goed is;
- u op korte termijn verhuist of de keuken pas over een paar jaar aanpakt.
Vervangen ligt meer voor de hand als:
- u een inductiekookplaat, warmtepomp, wasdroger of laadpaal wilt aansluiten;
- de stoppen nu al regelmatig doorslaan;
- de nuldraden door elkaar lopen en toch al uitgezocht moeten worden;
- u gaat verbouwen of de woning net heeft gekocht.
Blijf vooral niet jarenlang twijfelen tussen de twee. Met allebei bent u veiliger uit dan met een kast zonder aardlekbeveiliging. Na een inspectie en meting kan een elektricien zeggen welke route bij uw installatie past.
De verzegeling en de netbeheerder
De aansluiting, de hoofdzekering en de meter vallen onder de netbeheerder, in deze regio meestal Liander. Voor de stoppenkast en alles daarachter bent u als huiseigenaar zelf verantwoordelijk. Het deel van de netbeheerder is verzegeld.
Voor allebei de routes moet de installatie spanningsloos worden gemaakt. Bij een stoppenkast zonder hoofdschakelaar kan dat vaak alleen door de verzegeling te verbreken. Dat mag niet iedere installateur. kWh ELEKTROTECHNIEK heeft zegelrecht via InstallQ. Daardoor mogen wij bij werk aan de groepenkast of de hoofdschakelaar de verzegeling verbreken en daarna opnieuw aanbrengen, onder de voorwaarden die daarvoor gelden. Dat geldt voor aansluitingen tot en met 3 x 80 ampère.
Wilt u tegelijk uw aansluiting laten verzwaren, bijvoorbeeld van 1 naar 3 fasen? Dat werk doet de netbeheerder. Die aanvraag loopt apart, met eigen kosten en een eigen planning. Wij stemmen de volgorde met u af, zodat de nieuwe groepenkast meteen klaar is voor de nieuwe aansluiting.
Wat u zelf wel en niet kunt doen
Een paar dingen kunt u veilig zelf doen:
- Een doorgeslagen stop vervangen door een nieuwe met precies hetzelfde aantal ampère. Dat getal staat op de stop. Pak alleen de porseleinen schroefkap vast en doe het met droge handen. Is de kap gebarsten of beschadigd, laat het dan aan een elektricien over. Meterkastcheck.nl raadt aan altijd reservestoppen met de juiste waarde in huis te hebben.
- Op een briefje in de meterkast bijhouden welke stop bij welke kamer hoort.
- Voor de elektricien foto's maken van de kast, de meter en de aansluiting.
Wat u beter niet zelf doet:
- Een stop vervangen door een zwaardere omdat hij steeds doorslaat, of de pasring onderin de houder verwijderen. Die ring zorgt ervoor dat er geen zwaardere stop in past. Een stop slaat door omdat de groep overbelast is of omdat er ergens een fout zit. Met een zwaardere stop gaat er meer stroom door de oude draden dan ze aankunnen.
- Een doorgeslagen stop overbruggen met een stukje draad of metaal. Dan is de groep helemaal niet meer beveiligd.
- Zelf een aardlekschakelaar inbouwen of het afdekpaneel van de stoppenkast losschroeven. Achter het paneel en bij de aansluiting staat nog spanning, ook als alle stoppen eruit zijn.
Slaat een nieuwe stop meteen weer door? Draai er dan geen volgende in en bel een elektricien. Dat wijst op een fout in de groep of in een apparaat.
Wat u na de klus terugkrijgt
Na het werk is uw installatie doorgemeten en weet u hoe hij in elkaar zit. Bij ons betekent dat:
- per groep een isolatiemeting en een controle of nul en aarde nergens contact maken;
- een test van elke aardlekschakelaar met een installatietester, zodat vaststaat dat hij op tijd afschakelt;
- een groepenverklaring: een overzicht van welke groep waar in huis loopt, aan de binnenkant van de meterkastdeur;
- uitleg over de testknop.
Het testen is daarna uw taak. Vereniging Eigen Huis raadt aan dat te doen als de klok verzet wordt, bij het ingaan van de zomertijd en van de wintertijd. Druk op de testknop: de schakelaar moet direct afschakelen. Houd er rekening mee dat de groepen erachter dan even zonder stroom zitten. Zet hem daarna weer aan. Blijft hij aan staan als u op de knop drukt? Neem dan contact op met een elektricien.
Heeft u daarnaast nog stopcontacten zonder randaarde? Een aardlekschakelaar maakt die veiliger. Aarde vervangt hij niet. In ons artikel over niet-geaarde stopcontacten leest u welke apparaten op welke plek aarde nodig hebben.
Veelgestelde vragen
Werkt een aardlekschakelaar ook als mijn stopcontacten niet geaard zijn?
Ja. Een aardlekschakelaar meet het verschil tussen fase en nul en heeft daarvoor geen aarddraad nodig. Bij een apparaat zonder aarde lekt de stroom pas weg als iemand het aanraakt. U voelt dan een schok, maar de aardlekschakelaar grijpt zo snel in dat de kans op ernstig letsel veel kleiner wordt. De beste bescherming krijgt u met aarde én een aardlekschakelaar.
Hoeveel groepen mogen achter één aardlekschakelaar?
Maximaal vier eindgroepen. Bij een ingrijpende aanpassing van de installatie moeten er bovendien minstens twee aardlekschakelaars zijn, zodat niet het hele huis donker wordt als er één afschakelt.
Is een oude stoppenkast gevaarlijk?
Niet per se. De stoppen beschermen de leidingen tegen overbelasting en kortsluiting. Tegen lekstroom via uw lichaam beschermen ze alleen niet. Hoe groot het risico is, hangt ook af van de staat van de bedrading en van de aarde. Een meting maakt dat duidelijk.
Moet de stoppenkast eruit als ik mijn huis verkoop?
Nee, dat is niet verplicht. Een koper ziet het wel, en bij een bouwkundige keuring komt een ontbrekende aardlekschakelaar vaak in het rapport. Of u het vooraf laat aanpakken of meeneemt in de prijsonderhandeling, bepaalt u zelf.
Mag ik zelf een aardlekschakelaar bijplaatsen?
Dat raden wij af. Het bijplaatsen is een wijziging van de installatie en moet aan NEN 1010 voldoen. Daarvoor moeten de nuldraden per groep worden uitgezocht, moet de installatie spanningsloos worden gemaakt en is een meting nodig. Om de verzegeling van de netbeheerder te verbreken, is bovendien zegelrecht nodig.
Waarom valt een nieuwe aardlekschakelaar in een oud huis soms meteen uit?
Meestal door een gedeelde nuldraad, een nuldraad die ergens contact maakt met de aarde, of oude isolatie die stroom laat weglekken. Die fouten waren er al, alleen reageerden de stoppen er niet op. Een elektricien spoort ze op met een meting per groep.
Persoonlijk advies
Heeft u nog een stoppenkast en twijfelt u tussen voorschakelen en vervangen? Wij komen langs, kijken naar de kast, meten per groep de isolatie en zoeken uit hoe de nuldraden lopen. Daarna hoort u welke route bij uw huis past en wat die kost. U kiest zelf.
kWh ELEKTROTECHNIEK zit aan de Industriestraat 45A in IJmuiden en werkt in Velsen, Haarlem, Zandvoort en de rest van de regio. Bel ons op 023-2100214, app ons op 06-44997934 of stuur een bericht via onze contactpagina. Stuur gerust een foto van de open meterkast mee.
Bronnen
- Aardlekschakelaar van 30 mA sinds 1975 verplicht voor groepen met stopcontacten zonder randaarde, sinds 1984 ook voor groepen met randaarde (eerst 500 mA), na 1996 maximaal 30 mA en minstens twee schakelaars; maximaal vier eindgroepen per schakelaar; geen plicht voor een ongewijzigde bestaande installatie. Bron: Vereniging Eigen Huis, Moet in mijn woning een aardlekschakelaar zitten?(geraadpleegd 27 oktober 2026).
- In woningen van vóór de jaren zeventig ontbreekt vaak de aardlekschakelaar; bij achteraf plaatsen moeten alle groepen met stopcontacten of verlichting achter een aardlekschakelaar van 30 mA; testen bij het ingaan van zomer- en wintertijd. Bron: Vereniging Eigen Huis, Problemenwijzer: Ontbreken aardlekschakelaar (geraadpleegd 27 oktober 2026).
- Hoofdschakelaar verplicht in woningen met een bouwvergunning vanaf 2005. Bron: Huiskeur, Is een aardlekschakelaar verplicht? (geraadpleegd 27 oktober 2026).
- Maximaal vier groepen per 2-polige aardlekschakelaar; een aardlekautomaat schakelt alleen de eigen groep uit. Bron: Technische Unie, Alles wat u wilt weten over aardlekschakelaars en Aardlekautomaat of aardlekschakelaar (geraadpleegd 27 oktober 2026).
- Geen plicht om een stoppenkast te vervangen; doorgeslagen stop herkenbaar via het venstertje; reservestoppen met de juiste ampère in huis houden. Bron: Meterkastcheck.nl (ABB), Hoe moet ik een stop vervangen in de meterkast? (geraadpleegd 27 oktober 2026).
- Zegelrecht via InstallQ voor aansluitingen tot en met 3 x 80 ampère; verzwaring blijft een taak van de netbeheerder. Bron: kWh ELEKTROTECHNIEK, Groepenkasten (geraadpleegd 27 oktober 2026).










